
Plankenpad of vlonderpad
We wandelden met z'n vieren door het bos, tussen Appelscha en Hoogersmilde. De herfst was er al goed te ruiken. Vochtige grond, dode bladeren. Die geur. En langs het slingerende bospaadje zagen we paddenstoelen en nog eens paddenstoelen. Inktzwammen in alle stadia van ontbinding, vliegenzwammen met puntgave rode hoeden en ook mijn favoriet, het knaloranje koraalzwammetje.We verkenden Nationaal Park Het Drents-Friese Wold, een van de grootste natuurgebieden van Nederland. Een paradijs voor wandelaars. Het is niet enkel en alleen maar bos. Na een paar kilometer wandelen stapten we een weidse, ruige vlakte op. Een informatiebord vertelde ons dat het "Oude Willem" heet, dat het ooit een landbouwgebied was maar nu langzaam maar zeker weer een natuurlijk beekdal mag worden. Vanaf de bescheiden uitzichtheuvel zagen we dat dat al heel aardig gelukt was.
De wandelknooppunten brachten ons terug het dichte bos in. Opeens stonden we er voor een vlonderpad; een plankenpad op stevige poten. Met liefde en zorg gemaakt want het was bedekt met kippengaas om ons te behoeden voor uitglijden en voorzien van uitwijkplekjes om tegenkomende wandelaars moeiteloos te kunnen passeren. Geleid door het pad wandelden we, achter elkaar aan, dieper en dieper het bos. Ik werd er vrolijk van.
Uiteindelijk was er een houten vogelkijkscherm. Met een bankje en grote gaten om doorheen te gluren. Ik zag een prachtig ven, met rimpelloos water en een bosrand getooid in de eerste herfstkleuren. Er gebeurde niets en toch bleven we maar kijken. Tot iemand zei dat het al tegen vijf uur liep, nog even en het zou donker worden. Het was toch de hoogste tijd om terug naar de auto te lopen.










